Geplaatst om 0:03 | Permanente link | Reacties (0) | TrackBack (0)
We nemen u even mee naar Porto, een stad in het noorden van Portugal. Preciezer: naar de Ponta dona Maria, de majestueuze stalen brug van ontwerper Gustave Eiffel (van die toren, inderdaad) die de Douro omspant, de rivier die zo gracieus door Concelho do Porto meandert. Kijk omlaag, lezers, in de richting van het bronskleurige water en verplaats uw blik naar de kant van de rivier. Wat ziet u daar? U ziet daar honderden, zo niet duizenden vissen zich verdringen voor een rioolbuis, waar ze zich te goed doen aan de van knoflook doordesemde uitwerpselen van de lokale bevolking. U ziet een heel contingent snackende strontbaarzen en u trekt daarbij een gezicht.
HOU DAT GEZICHT VAST!!!
Dat is namelijk het gezicht van een verwend voetballertje dat de bal niet in zijn voetjes gespeeld heeft gekregen. Het gezicht van een prima donna op kicksen, die het er niet mee eens is dat de scheidsrechter hem de weg naar het doel heeft afgesneden, ook al stond hij drie meter buitenspel. Het gezicht van een tieneridool in korte broek dat het heel onrechtvaardig vindt dat de tegenstander zo brutaal was één doelpunt meer te maken dan zijn eigen club.
Het is het gezicht van Cristiano Ronaldo, het grootste zeikerdje uit het hedendaagse voetbal. Die, om te onderstrepen hoeveel onrecht hem wel niet is aangedaan, deze vieze gelaatsuitdrukking graag mag besprenkelen met enig vers geplengd traanvocht.
Officieel heet hij Cristiano Ronaldo dos Santos Aveiro, maar in bijna heel Portugal wordt hij Cristiano Chorão genoemd. Cristiano het Zeikerdje. Het Watje. De Huilebalk. Kortom ,alle benamingen die je een uitbener als Fernando Couto nooit zou (willen) toedichten. Aan de andere kant: als Chorão een bal in beweging brengt, dan ziet dat eruit als een penseelstreek. En met tien van die penseelstreken schildert hij een oogstrelend kijkspel. Couto kon alleen adamsappels indrukken.
Cristiano Chorão, de huidige aanvoerder van het Portugese nationale elftal, huilde voor het eerst op 5 februari 1985. Hij kwam ter wereld als het jongste kind van de kokkin Maria Dolores dos Santos Aveiro en de tuinman José Dinis Aveiro. De naam ‘Ronaldo’ kreeg hij volgens de overlevering vanwege Ronald Reagan, de favoriete acteur van de tuinman. (Dat is vrij tragisch maar hé, het had erger kunnen zijn: wat te denken van Cristiano Jaap Stobbe dos Santos Aveiro?).
Cristiano’s voetballoopbaan begon als jeugdspeler bij Clube de Futebol Andorinha de Santo António, een club waarvan fans steevast in ademnood raken als ze de naam meer dan twintig keer achter elkaar scanderen. Via Clube Desportivo Nacional - ook al geen NAC - kwam hij in 1997 terecht bij het grote Sporting. Zijn schilderachtige voetbewegingen aldaar trokken de aandacht van de vermaarde kunstkenner Sir Alex Ferguson en het duurde dan ook niet lang voor deze grootverbruiker van kauwgom zijn penningmeester de opdracht gaf om twaalfeneenhalf miljoen pond uit de poeplap te trekken, teneinde Cristiano in te lijven. Bij Manchester United, dat Arsenal en Liverpool in dezen het nakijken gaf, deed de Portugees het vervolgens goed. Zeer goed, als we mogen afgaan op de woorden van Johan Cruijff. Die zei in 2008: “Cristiano Ronaldo is de beste speler die United ooit heeft gehad. Beter dan George Best en Denis Law.” Zijn eigen zoon noemde hij niet eens.
Namens United, dat met hem in de gelederen in 2004 reeds (ten koste van, eh. Millwall) de FA Cup en in 2006 (tegen, ahem, Wigan Athletic) de League Cup had gepakt, mocht Cristiano Chorão in 2008 de zogeheten Cup Met De Grote Oren (copyright Leo Beenhakker) omhoog tillen. En met recht, want de fijnbesnaarde Portugees (in 2007, 2008 en 2009 landskampioen met de Red Devils) was met acht goals de meest doeltreffende speler van het toernooi. En dat hij niet alleen váák maar vaak ook móói scoorde, werd benadrukt in 2009, toen hij als eerste speler in de geschiedenis de FIFA Puskás Award op zijn naam kreeg geschreven, een prijs voor de fraaiste treffer in een seizoen. Cristiano, in 2004 nog in tranen omdat hij met Portugal de EK-finale verloor van Griekenland, ontving ‘m voor een welgemikt afstandschot in de kwartfinale van de Champions League. Tegenstander was FC Porto, uit de stad met de strontbaarzen.
Als dank wiste de voetballende traanbuis de naam van Puskás uit de geschiedenisboeken van Real Madrid, de club waarheen hij in 2009 voor het recordbedrag van 94 miljoen euro was getransfereerd. Tot de komst van de voetballende variant van het huilende zigeunerjongetje was de oude Ferenc met 49 treffers recordhouder Meeste Doelpunten In Eén Seizoen. Maar ziet: in de jaargang 2010-2011 maakte Cristiano er doodleuk 53. Gewoon, omdat (hij) het kon. Bij United had hij dat trouwens al eens ten koste van George Best geflikt.
In datzelfde 2009, enkele maanden nadat hij zijn Ferrari 599 GTB Fiorano tot accordeon had getransformeerd, had het Portugese wonderkind trouwens voor de tweede keer van zijn leven in de Champions League-finale gestaan. In dat duel was Barcelona echter te sterk gebleken.
Cristiano Chorão, die wordt gesponsord door Nike, Armani, Coca-Cola en Castrol, verdient met zijn hobby thans 1 miljoen euro per maand, bezit een geschat vermogen van ruim 123 miljoen euro en heeft een liefdesbaby bij het bloedmooie Russische fotomodel Irina Shayk.
Zo, nu is het úw beurt om te huilen!
(uit: SportSpecial, mei 2012)
Geplaatst om 0:04 | Permanente link | Reacties (0) | TrackBack (0)
Geplaatst om 0:02 | Permanente link | Reacties (0) | TrackBack (0)
Judas Priest in de Hammersmith Apollo, Buzzcocks in de Brixton Academy, maar de spindoctor koos zaterdagavond om budgettaire redenen voor het gratis optreden van the pUKEs in The Rochester Castle, een pub in de Noord-Londense wijk Stoke Newington. Het ensemble the pUKEs (dit is de juiste schrijfwijze, The Pukes is een band uit Eindhoven) wil ik nog altijd eens wegzetten op Lowlands, al zullen ook daar vermoedelijk problemen rijzen van budgettaire aard. Want in de voltallige bezetting staan er al gauw twintig m/v's op het podium. Tackle the pUKEs dus maar tijdens hun Engelse zomertoer, die vrijdag begint.
Geplaatst om 0:08 | Permanente link | Reacties (0) | TrackBack (0)
Temperaturen van rond de 30 graden, gisteren in Londen, en dat betekende dat de ene na de andere zweetdruppel de bilnaad binnenstroomde. Tropische toestanden ook in Repton Park, de villawijk op de grens van Chigwell en Woodford, waar schrijver dezes een sportschool deelt met de selectie van Tottenham Hotspur en waar menig voetballer, acteur, actrice, fotomodel en - vermoedelijk - gangster een pand heeft gekocht. En waar je naast de obligate eekhoorns zomaar een kale negerin met siliconenborsten kunt aantreffen, die halfnaakt en op Uggs-sloffen haar hondje uitlaat. De geduldige en professionele manier waarop ze die belangrijke taak onderbrak om even voor Blij Bomen! te poseren, doet vermoeden dat het hier om een bekend model gaat. Maar wie? Vervelend genoeg had ik m'n camera niet bij me en moest ik haar per mobiele telefoon vereeuwigen - wat kwalitatief natuurlijk een stuk minder is. Met als gevolg dat ik de dame in kwestie met geen mogelijkheid kan identificeren. Zangeres Skin van de groep Skunk Anansie is het in elk geval niet. Maar wie wel? Weet u dat, schrijf het dan niet op een briefkaart en neem ook geen contact op met de politie in uw woon- of verblijfplaats. Gewoon even hieronder reageren.
Voor de duidelijkheid: de naam van de hond kan me gestolen worden.
Geplaatst om 0:02 | Permanente link | Reacties (3) | TrackBack (0)
Lieve mensen, ik heb zojuist dit bericht van de telex geplukt:
“CLASSIC QUO ARE BACK!
Francis Rossi has confirmed speculation that the original lineup of Status Quo are getting back together. He, Rick Parfitt, bassist Alan Lancaster and drummer John Coghlan will tour the UK and record an album next year. But the project will exist alongside the current Quo, which will also release a new record. The reunion brings to an end decades of acrimony and reunites the outfit that finalised its classic lineup in 1967, when Parfitt joined Rossi, Lancaster, Coghlan and keyboardist Roy Lynes – who left three years later. After some early success they released breakthrough album Piledriver in 1972 and by the middle of the decade were one of the leading lights of British rock music. They’ve sold over 128 million albums worldwide to date.
Coghlan left in 1981 amid personal tensions and has since been touring with John Coghlan’s Quo. Rossi’s relationship with schoolmate Lancaster crumbled in 1985 and the bassist took the band to court over rights to the name. The case was settled privately two years later. Earlier this year the four musicians gathered for the first time in decades during filming of band documentary Hello Quo. They had a jam session which was meant to be a one-off for the movie – but led to more discussion. Now Rossi says:”We’ve booked a tour in Britain in March next year – eight to ten gigs or something. If we had been gone for 20 years maybe we would have been able to book all the big arenas. But we have a modern-day Quo up and running, and quite successfully too. Who knows how the old band will be perceived?” The frontman is also concerned about Lancaster’s health. He was diagnosed with multiple sclerosis in 2002. Rossi says: “Alan looks like he couldn’t do it. He’s still frail and his legs are a bit shaky, but he’s getting stronger every day. He’s lifting weights and eating himself into shape.”
Still, Rossi thinks neither version of the band will be around for much longer. “I don’t believe we’ll play together with Alan and John for long – they won’t cope,” he says. “I don’t think Status Quo will be around much longer either. It’s increasingly difficult to cope with the energy discharge a concert requires.”
Geplaatst om 0:02 | Permanente link | Reacties (1) | TrackBack (0)
De Chinese wijsgeer en grondlegger van de acupunctuur Wang Pin Au heeft eens gezegd: Hij die glazen knieën heeft, breekt sneller door dan een ander.
Nou ja, hij had het kunnen zeggen, als hij had bestaan. En dan hadden wij hier weer een bruggetje kunnen maken naar Arjen Robben, de voetballer die na zijn doorbraak, in het seizoen 2000-2001, gewoon is blíjven doorbreken!
Robben is met voorsprong de meest kwetsbare speler die we straks op het EK zullen zien. Of niet natuurlijk, want tussen het moment dat dit blad naar de drukker gaat en het eerste fluitsignaal in Charkov zit een flink aantal weken. Wat een man als Robben ruimschoots de tijd geeft om botten te breken en banden te verrekken. Zijn eígen botten en banden, voor de duidelijkheid. Wat heet: zelfs een kwartier voor de aftrap hou je met deze man nog je hart vast! Bij Arjen Robben haal je pas opgelucht adem als hij veilig en wel na de wedstrijd in zijn hotelkamer zit. En dan nóg is er het gevaar van een rondslingerend stukje zeep, een attribuut dat hem zomaar de volgende wedstrijd kan kosten...
Zeggen dat Arjen Robben (Bedum, 23 januari 1984) blessuregevoelig is, is als zeggen dat het water van de Noordzee nat is. Iedereen weet het, dus het is niet nodig het nog eens apart te vermelden. Robben is als kristal: schitterend, maar o zo breekbaar. Weerloos, in de nabijheid van meedogenloze verdedigers met sloopkogels in hun sokken. Wat ons doet denken aan een uitspraak van Lucebert, een filosoof die wél heeft bestaan. Alles van waarde is weerloos, dichtte de Amsterdammer ooit - en zo is het maar net.
Weerloze Robben is van onschatbare waarde voor het Nederlands elftal. Dat wil zeggen: als hij heel blijft. Echter: moet je hem met twee verbrijzelde knieën op de tribune zetten, dan zal er van die uit de Groningse klei getrokken aardappelkop niet bijster veel inspiratie uitgaan. Duimen dus maar dat het glas het houdt.
Waardering voor de stylist Robben, wiens treffers tijdens de oefeninterland Engeland-Nederland van jongstleden februari van ongekende schoonheid waren, is er niet altijd geweest. Toen hij nog overal haar had, nam Chelsea hem over van PSV, dat in een tijdspanne van twee seizoenen enorm veel plezier van hem had gehad. Dat wil zeggen: tot hij er tweemaal (!) zijn hamstrings scheurde. De Londense hobbyclub van de pervers rijke Rus Roman Abramovich legde 18 miljoen euro voor Robben neer, waar het toch ook niet bepaald armlastige Manchester United niet meer dan 7 miljoen had geboden. Maar voor dat geld konden ze van PSV-voorzitter Harry van Raaij net ‘een Robben-shirt met handtekening’ krijgen.
In het tenue van de Blues oogstte de Groninger, die in 67 wedstrijden 15 maal scoorde, opvallend veel kritiek. Maar het moet dan ook gezegd dat hij geen enkele moeite deed om het gerucht te ontzenuwen als zou Edwin Jongejans zijn personal trainer zijn. Robbens talrijke duikelingen maakten hem tot een verguisde figuur in de Engelse stadions en het was dan ook niet echt met een gevoel van teleurstelling dat men hem in 2007 zag verkassen naar Real Madrid, alwaar hij het eerste jaar vooral opviel door... geblesseerd uit te vallen. Na een voor de penningmeester van de club aanzienlijk bevredigender tweede seizoen verkaste de kristallen man naar Bayern München, waar hij in de eerste 24 wedstrijden niet minder dan 16 keer het net wist te vinden. Desondanks was het toch weer een kwetsuur waarmee hij dat jaar de aandacht op zich vestigde. Maar daarvoor moet u in plaats van het rode shirt van Bayern even een oranje tricot om zijn torso denken.
Sinds 30 april 2003 (Nederland-Portugal 1-1, in de ploeg gekomen voor Marc Overmars) is Arjen Robben een vaste waarde voor het Nederlands elftal. Als hij niet stuk is tenminste. Tijdens Euro 2004, in Portugal, speelde hij tegen Tsjechië een van zijn beste wedstrijden tot dan toe. Desondanks vond bondscoach Dick Advocaat het nodig hem bij een 2-1 voorsprong te vervangen door Paul Bosvelt – waarna Oranje prompt met 2-3 verloor. En Advocaat de meest gehate Nederlander sinds Anton Mussert werd.
Twee jaar later, op het WK in Duitsland, eiste Robben in de duels met Servië & Montenegro en Ivoorkust de titel Man of the Match voor zich op. Het toernooi eindigde voor Oranje met een partijtje kooivechten tegen Portugal – een onverkwikkelijk schouwspel waarin de man uit Bedum wonder boven wonder ongeschonden bleef.
Dat was hij voor de verandering weer eens níet tijdens Euro 2008, zodat hij daar in Zwitserland amper aan spelen toe kwam. En ook aan het WK in Zuid-Afrika, twee jaar later, zou hij niet in topvorm beginnen. Robben, dan in dienst van Bayern München – en hier pakken we de draad weer op – voelde in het (laatste) oefenduel met Hongarije zijn hamstring knappen. Meesterknijper Dick van Toorn wist hem echter op tijd fit te krijgen voor het wereldkampioenschap – al is dat een lezing die door de medische staf van Bayern München niet wordt onderschreven. De Beierse broodheren moesten echter lijdzaam toezien hoe (de in hun ogen nog altijd gammele) Robben doodleuk aan het toernooi begon. Met een schot op de paal tegen Kameroen, de openingstreffer tegen Slowakije, de beslissende goal in de halve finale tegen Urugay en een ‘Rensenbrinkje’ op de vuist van de vijandelijke doelman in de finale tegen Spanje, drukte hij desondanks zijn stempel op het toernooi. Dat Bayern daarna de scherven kon opvegen, ach... Daar kunnen wij niet echt mee zitten, toch?
Als ie het van de zomer maar doet.
(uit: SportSpecial, mei 2012)
Geplaatst om 15:57 | Permanente link | Reacties (0) | TrackBack (0)